Published by Contentum Ltd., Larnaca, Cyprus
Seller: Contentum, Nicosia, Cyprus
Art / Print / Poster
Loose Leaf. Condition: New. Reproduction. Original title: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede German: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede French: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede Spanish: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede High-quality fine-art reproduction based on an original work from the Ycba. Creation period: 19th century (between 1837 and 1844). Professionally printed on premium fine-art paper (Photo Rag Bright White) in size A5. The motif is printed with a white border (museum-style presentation). No.
Published by Contentum Ltd., Larnaca, Cyprus
Seller: Contentum, Nicosia, Cyprus
Art / Print / Poster
Loose Leaf. Condition: New. Reproduction. Original title: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede German: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede French: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede Spanish: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede High-quality fine-art reproduction based on an original work from the Ycba. Creation period: 19th century (between 1837 and 1844). Professionally printed on premium fine-art paper (Photo Rag 308, premium quality) in size A5. The motif is printed with a white border (museum-style presentation). No.
Published by Contentum Ltd., Larnaca, Cyprus
Seller: Contentum, Nicosia, Cyprus
Art / Print / Poster
Loose Leaf. Condition: New. Reproduction. Original title: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede German: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede French: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede Spanish: Bosbeek en Groenendaal nabij Heemstede High-quality fine-art reproduction based on an original work from the Ycba. Creation period: 19th century (between 1837 and 1844). Professionally printed on premium fine-art paper (Museum Etching, museum quality) in size A5. The motif is printed with a white border (museum-style presentation). No.
Language: Dutch
Published by Amsterdam ca. 1835., 1835
Seller: Antiquariat Steffen Völkel GmbH, Seubersdorf, Germany
Art / Print / Poster
Blatt-Maße: ca. 27 x 22 cm. -- Sehr seltene Lithographie von P. J. Lutgers von ca. 1835. -- etwas fleckig, sonst gut erhalten. || Very rare lithograph by P. J. Lutgers from c. 1835. -- with some staining, otherwise in good condition. || -- This is an original! - No copy! - No reprint! // Wir, das Antiquariat Steffen Völkel, kaufen und verkaufen alte Bücher, Handschriften, Zeichnungen, Autographen, Grafiken und Fotografien. Wir sind stets am Ankauf von kompletten Bibliotheken, Sammlungen und Nachlässen interessiert. Sprache: Niederländisch Gewicht in Gramm: 1550.
Seller: Antiquariaat A. Kok & Zn. B.V., Amsterdam, Netherlands
Alphen aan der Rijn, Uitgeverij Canaletto / Repro-Holland B.V., 2001. 268 pp. Num. ills (some col.). Orig. hardcover (gilt lettered burgundy red cloth), d./j. Oblong 4to. - Dust jacket discol. on the spine.
Seller: Antiquariaat A. Kok & Zn. B.V., Amsterdam, Netherlands
Amsterdam & Haarlem, ca. 1840 [herdruk Alphen a.d. Rijn, 1970]. Tekst & ills. Imitatie leer.
N.pl., 1869. [herdruk Alphen a.d. Rijn, 1970]. [38] pp. [87] z/w illustr. Im.perkament. - Ex-libris op schutblad.
Alphen a.d.Rijn, 1970. Tekst & 100 plt. Kart, licht gevlekt. - Exlibris op schutblad.
Published by J.D. Steuerwald],, [The Hague,, 1869
US$ 5,340.48
Quantity: 1 available
Add to basketEnlarged second edition of the most detailed and extensive set of views of stately houses and their gardens, other buildings and landscapes, all in the vicinity of Utrecht, with 88 tinted lithographs (including the title-page). Most of the views show people in the foreground, and some include boats on the canals, horses, cattle, dogs, etc. The view of the town of Rhenen (35 kilometres east of Utrecht) even shows the recently introduced steam boats on the river. All were drawn in situ by Lutgers (1808-1874), who spent about ten years preparing this last of his four great series of views. This time, however, he used tint blocks, giving a beige background to most of each print, but with a few areas left white to indicate the lighting or to highlight a feature. The lithographic title-page is followed by a two-page dedication to the queen (Sophia Frederica Mathilda, wife of King Willem III), Lutgers' two-page preface, a two-page list of the plates, and eighteen pages with Hofdijk's notes on the history and owners of the houses depicted.Some of the plates foxed. Binding worn along the extremities with a few minor damages to the spine. Overall in good condition.l Landwehr, Coloured plates 356; Scheen, p. 732; Thieme & Becker XXIII, p. 480. Near contemporary half sheepskin, marbled paper sides, bound by J.A. Loebèr, Leiden With a lithographed title-page (with a separately tinted lithographed view) and 87 tinted lithographed plates (ca. 16.5 x 22.5 cm), designed and lithographed by P.J. Lutgers. Pages: [8], XVIII pp. + 87 plates.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Gezigt in de Hofstede Waterland", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Eerste vermelding van de hofstede Waterland was in 1717. In dat jaar verkocht Maria Piso (1650-1729), weduwe en boedelhoudster van de Amsterdamse regent Cornelis Munter (1652-1708) de hofstede 'genaamt Waterland met desselfs husinge stallinge en schueren' voor 15.860 gulden aan haar dochter Margaretha en schoonzoon Gerrit Corver (1690-1756). De buitenplaats werd vier jaar later al weer verkocht door Gerrit Corver aan de rijkste man van Amsterdam Dirck Trip (1691-1748) voor 15.000 gulden. Na het overlijden van Dirck Trip in 1748 kwam de buitenplaats in het beheer van zijn echtgenote Agatha Levina Geelvinck (1701-1761). Dit was inclusief 'alle de meubelen ., gelijk alle de tuyngereedschappen, broeyramen, backen en al wat verder op de voorschreve hofstede 't zij in off buyten het huys aldaar gevonden mogte worden'. Na haar overlijden bleef de buitenplaats in het bezit van de familie. Haar zoon Dirk (1734-1763), kapitein van een compagnie voetknechten, kocht het erfdeel van zijn halfbroers- en zuster af en werd in 1761 de nieuwe eigenaar van het huis, dat inclusief de grond op 28.000 gulden werd getaxeerd. De koop omvatte: 'Een hofstede met desselfs heerehuysinge, tuynmanshuys, stallinge, koetshuys en verder getimmerte, bosch boomgaarde en bepooting en beplantingen (met alle ornamenten en tuyncieraden).'. Dirk Trip jr was getrouwd met Jacoba Elisabeth van Strijen (1741-1816). Na aankoop van de buitenplaats werd er op een andere plaats een nieuw herenhuis gebouwd. Na het overlijden van Dirk Trip jr in 1763 werd de bouw verder uitgevoerd door zijn echtgenote. Nadat de nieuwbouw voltooid was hertrouwde zij in 1767 met Carel George graaf van Wassenaer Obdam (1733-1800). In 1781 werd de buitenplaats verkocht aan jhr. Archibald Hope (1747-1821), koopman, bewindhebber der West Indische Compagnie en staatsman, voor 48.000 gulden. Hij liet de tuin, door de uit Duitsland afkomstige Johan Georg Michaël, 'na den Engelschen of Chineesen smaak' veranderen. De rechte lanen moesten plaats maken voor schijnbaar willekeurig aangeplante boomgroepen en de geschulpte waterkom werd uitgegraven tot een natuurlijk ogende vijver. Johann Georg Michael (1738-1800) was een hovenier en tuin- en landschapsarchitect, die vanaf begin jaren zestig van de achttiende eeuw in Nederland woonde en werkte. Hij legde behalve de tuin van Waterland, ook de Engelse landschapstuinen aan van buitenplaatsen Elswout (Overveen), Wildhoef (Bloemendaal) en Oud-Berckenroede (Heemstede). Prijs: Euro 145,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"De Hofstede Uit den Bosch, aan den Spanjaardslaan", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Waarschijnlijk stond in de zeventiende eeuw op de plek van het huidige landhuis de herberg Bethlehem. Voor 1655 was Pieter Jorisz. van der Vos eigenaar van deze herberg die hij Het Vosje noemde. Beide namen werden gebruikt tot ongeveer 1704. Tussen 1711 en 1722 stopte de Amsterdammer Benjamin Jansz. Dutrie, heer van Haeften, het herbergbedrijf en veranderde de herberg tot een buitenhuis, dat hij de naam Uit den Bos of Uyttenbosch gaf. Op de plek van de herberg kwam een nieuw huis met een tuin. Tussen 1729 en 1741 was mr. Matheus Brouërius van Nidek eigenaar van de buitenplaats. De Amsterdamse familie Bronkhorst wordt in 1762 eigenaar van de buitenplaats. Zij laten voor 1817 een Engels plantsoen aanleggen met slingerpaden in een landschappelijke stijl. Daarnaast werd de oude theekoepel vervangen door een nieuwe versie. Vermoedelijk heeft Bronckhorst ook het huis opnieuw laten bouwen. Het huis werd in 1862 nog uitgebreid en verbouwd, maar bleek in 1911 in zeer slechte staat. Sloop kon niet meer vermeden worden en er wordt een nieuw huis neergezet dat tegenwoordig gebruikt wordt als kantoor. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"De Hofstede Waterland", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Eerste vermelding van de hofstede Waterland was in 1717. In dat jaar verkocht Maria Piso (1650-1729), weduwe en boedelhoudster van de Amsterdamse regent Cornelis Munter (1652-1708) de hofstede 'genaamt Waterland met desselfs husinge stallinge en schueren' voor 15.860 gulden aan haar dochter Margaretha en schoonzoon Gerrit Corver (1690-1756). De buitenplaats werd vier jaar later al weer verkocht door Gerrit Corver aan de rijkste man van Amsterdam Dirck Trip (1691-1748) voor 15.000 gulden. Na het overlijden van Dirck Trip in 1748 kwam de buitenplaats in het beheer van zijn echtgenote Agatha Levina Geelvinck (1701-1761). Dit was inclusief 'alle de meubelen ., gelijk alle de tuyngereedschappen, broeyramen, backen en al wat verder op de voorschreve hofstede 't zij in off buyten het huys aldaar gevonden mogte worden'. Na haar overlijden bleef de buitenplaats in het bezit van de familie. Haar zoon Dirk (1734-1763), kapitein van een compagnie voetknechten, kocht het erfdeel van zijn halfbroers- en zuster af en werd in 1761 de nieuwe eigenaar van het huis, dat inclusief de grond op 28.000 gulden werd getaxeerd. De koop omvatte: 'Een hofstede met desselfs heerehuysinge, tuynmanshuys, stallinge, koetshuys en verder getimmerte, bosch boomgaarde en bepooting en beplantingen (met alle ornamenten en tuyncieraden).'. Dirk Trip jr was getrouwd met Jacoba Elisabeth van Strijen (1741-1816). Na aankoop van de buitenplaats werd er op een andere plaats een neiuw herenhuis gebouwd. Na het overlijden van Dirk Trip jr in 1763 werd de bouw verder uitgevoerd door zijn echtgenote. Nadat de nieuwbouw voltooid was hertrouwde zij in 1767 met Carel George graaf van Wassenaer Obdam (1733-1800). In 1781 werd de buitenplaats verkocht aan jhr. Archibald Hope (1747-1821), koopman, bewindhebber der West Indische Compagnie en staatsman, voor 48.000 gulden. Hij liet de tuin, door de uit Duitsland afkomstige Johan Georg Michaël, 'na den Engelschen of Chineesen smaak' veranderen. De rechte lanen moesten plaats maken voor schijnbaar willekeurig aangeplante boomgroepen en de geschulpte waterkom werd uitgegraven tot een natuurlijk ogende vijver. In 1796 verhuisde het echtpaar Hope van Amsterdam naar Den Haag. Wellicht vormde deze verhuizing de aanleiding tot de verkoop van de buitenplaats. De buitenplaats werd in 1799, voor 38.500 gulden, eigendom van Jacob Boreel van Hogelanden (1768-1821) en van zijn echtgenote Margaretha Johanna Munter (1772-1846), die een rechtstreekse nazaat was van Cornelis Munter, die aan het begin van de 18e eeuw de buitenplaats in het bezit had. Leden van de familie Boreel waren toen reeds in het bezit van de naburige buitenplaatsen Beeckesteijn en Meervliet. Na het overlijden van Margaretha Johanna Boreel Munter in 1846, erfde haar zoon jhr. mr Willem Boreel (1800-1883) de buitenplaats. Hij trouwde in 1833 met zijn nichtje jkvr. Margaretha Jacoba Maria Paulina Boreel (1813-1892). Tijdens de periode van Willem Boreel werd de buitenplaats de permanente verblijfplaats van de familie. Tegenwoordig telt de buitenplaats vijf verschillende eigenaren, drie daarvan wonen op het terrein. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"De Hofstede Vredenhof", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. In 1684 (') kocht Louis Trip de hofstede "Hout- en Duinzicht". Kort voor 1699 liet hij er een nieuw huis bouwen, dat na 1699 een uitspringend balkon kreeg aan de voormalige Herenweg. Na de dood van Louis Trip verkocht zijn familie de buitenplaats in 1710 aan de koopman 'in Oostindische waren' Johannes Baelde. In 1720 werd de hofstede verkocht aan François de Vicq (die eerder in 1717 de hofstede Overmeer in Heemstede had gekocht uit speculatiedoeleinden en na verloop met fl. 300,- winst in 1720 nogmaals eigenaar was van 1724-1726 toen met een klein verlies doorverkocht). Volgende bewoners/eigenaren waren: 1736 executeurs-testamentair verkopen de hofstede voor 4975 gulden aan Isaac Lohoff, koopman in Amsterdam. 1750, de buitenplaats voor het eerst 'Vredenhof' genoemd, verkocht aan de Haarlemmer Floris Visscher, zijdefabrikant en handelaar, die in 1763 overleed waarna Vredenhof in bezit komt van zijn echtgenote en vervolgens hun dochter Anna Maria Visscher 1783 verkoop voor 23.600 gulden aan Hendrik Hovij, koopman te Amsterdam. 1789 overdracht aan Leonard Rutgers van Rozenburg Davidsz., koopman te Amsterdam 1791-1797 vruchtgebruik weduwe dat met haar overlijden in 1797 kwam te vervallen. 1797 erfgenamen verkopen Vredenhof aan Hermanus Verwit Aschenberg uit Amsterdam 1828 na overlijden van kinderloos echtpaar is Vredenhof nagelaten aan beide families. Mr. Jacob de Jong (1768-1838) wordt na huurder nieuwe eigenaar en deze verkoopt Vredenburg in 1838 aan koopman en eigenaar van oliemolens Vasterd Vas Visser uit Wormerveer voor 30.090 gulden. Hij overleed op Vredenhof 7 september 1844. Zijn vrouw Catharina Smit overlijdt in 1862 waarna de hofstede in 1863 wordt geveild en wordt aangekocht door Ernst Christiaan Büchner, geneesheer in Amsterdam voor fl. 20.700,-. 1876 veiling in Amsterdam en via een makelaar komt Vredenhof in handen van Godefridus Nicolaas van den Berg, logementhouder in de Haarlemmerhout, gemeente Heemstede 1881 verkoop voor fl. 36.000,- aan Jannetje Susanna Hendrika Hanebeek uit Amsterdam. Na haar overlijden in 1888 gaat de buitenplaats over naar 3 familieleden Haanebeek 1888 verkopen zij de hofstede voor fl. 27.000,- aan de heren Johannes Mattheus en Hendrik Polman Mooij, bloemisten uit Haarlem. 1922 besluiten zij het gezamenlijk bezit van de hand te doen en Vredenhof valt uiteen en houdt de buitenplaats op te bestaan. De heer Albert Heyn bouwt op een stuk grond de villa Nijenhove. De villa Vredenhof komt met naaste omgeving in handen van Martinus Loosjes, in 1951 overleden. Vredenhof is o.a. verhuurd als woning en atelier aan de beeldhouwer Mari Andriessen vanaf 1930 tot de dood van zijn weduwe op 30 mei 1990. Het huis heeft een rechthoekig grondplan, de gemetselde muren zijn gepleisterd en geblokt uitgevoegd, wat de illusie van natuurstenen blokken wekt. Opmerkelijk is de bovenmaatse erker die op twee hardstenen Dorische zuilen rust (op de voorstelling aan de rechterzijde van het gebouw). Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"De geleerde man aan den straatweg by Bennebroek'", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. "De (Oude) Geleerde Man aan den Straatweg bij Bennebroek" was een herberg gebouwd in 1682 door timmerman Hendrik Backer, die met geleend geld het betreffende stuk grond kocht waarop hij zijn herberg bouwde. Ondanks dat de herberg redelijk goed liep, ging door zware schuldenlast binnen twee jaar de eerste eigenaar al failliet. Na de dood van de tweede eigenaar werd de herberg verkocht aan Hendrik Meerman en Jacobus van de Meer die de herberg de naam 'De Geleerde Man' gaven; de eigenaren waren nu uitgeleerd en wisten ondertussen hoe ze een herberg moesten uitbaten. Een andere bijzondere herbergier was Jan Janse Duijn, die dertig jaar eigenaar van de Geleerde man is geweest. Gedurende zijn tijd was het etablissement een bekend ontmoetingspunt voor Haagse en Amsterdamse advocaten en Leidse studenten. Hier heeft de herbergier verschillende historische figuren leren kennen; zo heeft Jacob van Lennep een gelegenheidsgedicht gemaakt bij het vertrek van de uitbater, en in de Camera obscura van Nicolaas Beets werd hij 'Duintje' genoemd. In 1929 werd een deel van de Oude Geleerde Man afgebroken vanwege de verbreding van de Herenweg (Rijksstraatweg) en de Zwarteweg. Tegenwoordig zit in het pand Japans restaurant "Zen". Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"'t Huis Akerendam", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Tussen 1637 en 1639 kocht de koopman en regent Jan Bicker grond in Beverwijk voor de aanleg van een hofstede. Het huis kwam in 1639 gereed. Tussen 1639 en 1648 werd een park aangelegd in de geometrische opzet van het Hollands classicisme. Akerendam werd gebruikt als jachthuis. Hij verkocht de buitenplaats in 1648 aan zijn nichtje Margaretha Bicker van Swieten en haar man Gerard van Hellemont. De nieuwe eigenaars breidden het grondgebied uit en lieten omstreeks 1655 aan de noordzijde van het huis een vleugel aanbouwen. Het park bestond toen uit twee delen: een vierkant perceel en een smaller, langgerekt parkdeel ten westen ervan. Alle percelen werden omgeven door watergangen. Een monumentale poort, recht voor het huis, vormde de hoofdentree tot de buitenplaats. Aan weerszijden van het huiseiland lagen boomgaarden of bosketten (bomen die volgens een geometrisch patroon zijn geplant). Na het overlijden van Gerard in 1658 hertrouwde zij in 1662 met Cornelis Geelvinck, een weduwnaar met een aantal kinderen. Na het overlijden van Margaretha in 1697 kwam de buitenplaats in eigendom van haar stiefzoon Joan Geelvinck. Na zijn overlijden in 1707 kwam het in handen van zijn dochter Catharina Clara. Zij was gehuwd met Willem Boreel. Rond 1715 breidden zij het terrein van de buitenplaats aanzienlijk uit. Aan het begin van de 18e eeuw werd voor het eerst de naam Akerendam gebruikt. Het huis werd in 1724 gekocht door de Jean Lucas Pels voor 50.000 gulden. Hij en zijn broer Pieter werden in hun tijd geacht 'de grootste cooplieden en reders van scheepen, de geheele weerelt door' te zijn. Hij liet kort daarop het huis en park moderniseren. Het huis kreeg zijn huidige uiterlijk en het interieur werd aangepast aan de modieuze rococostijl. Ook de parkaanleg ging deels op de schop. De openbare weg tussen de beide parkdelen werd opgeheven. Hiermee werd een aaneengesloten park gecreëerd. De westentree van het huis kreeg een pronkgevel en in samenhang daarmee werd ook de grote vijver aangelegd. Eind 1740 hertrouwde Jan Lucas met weduwe Anna Elisabeth Geelvinck, die de naastgelegenbuitenplaats Scheybeekbezat. Een maand later overleed Jan Lucas en zijn weduwe bleef op Scheybeek wonen. Zij verkocht Akerendam in 1742 aan haar broer mr. Nicolaas Geelvinck. Hij bewoonde de buitenplaats bijna twintig jaar. In 1762 verkocht zijn weduwe, Maria Margaretha Corver het bezit aan het Susanna Jacoba van Harencarspel en haar man Hendrik Nicolaas Sautijn. De buitenplaats was op dat moment circa elf hectare groot. De bijgebouwen betroffen een stal voor 21 paarden, een menagerie en een oranjerie. Het park was aangekleed met veel tuinbeelden, vazen en andere tuinornamenten. Paul Christiaan Fuchs uit Haarlem werd in 1779 eigenaar, maar hij verkocht het binnen een jaar en kocht debuitenplaats Scheybeek. Na hem volgden kort op elkaar de uit Amsterdam afkomstige kooplieden Wolfert Beeldsnijder en Jan Och. In 1789 werd Gerrit Hooft eigenaar. Waarschijnlijk heeft hij de buitenplaats, die inmiddels met weiden en bouwland 17 hectare groot was, laten omvormen in landschapsstijl. De verkoopadvertentie uit 1800 meldt over het park: "aangenaam bosch, doorsneden met onderscheiden wandelpaden en Engelsche partijen, vischrijke vijvers en carperkom'". De buitenplaats werd gekocht door de Beverwijkse makelaar Christiaan Stumphius. In tegenstelling tot wat veel andere buitenplaatsen in die jaren overkwam, werd deze niet gesloopt en als bouwmateriaal verkocht. Het geheel werd doorverkocht aan schout-bij-nacht en vice-admiraal Johan Arnold Bloys van Treslong (1757 - 1824). Deze liet aan de Velserweg de nog bestaande tuinkoepel bouwen. Vandaar uit had men een weids uitzicht over de weiden en het Wijkermeer. Hij paste ook het padenpatroon.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Gezigt over de vijver in 't Manpad", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. De historie van het Huis te Manpad op de voorstelling gaat terug tot 1634-1640. Cornelis Heuts bouwde toen op deze plek in Heemstede een buitenhuis. Het voorste gedeelte van het Huis is tegenwoordig nog uit die periode. Tot begin 18e-eeuw hebben verschillende eigenaren, Hester du Pire, Daniël Lestevenon en Cornelis van Goor, genoten van het buitenverblijf: diverse lofdichten uit die periode gaan over feesten en partijen op het Huis te Manpad. Maar soms was het ook gewoon een belegging. Van Goor heeft voor vele gebiedsuitbreidingen gezorgd. Door aankoop van gronden, of uitruil met andere terreinen, ontstond 'een hofstede met zijn herenhuizinge, stallinge, koets- en wagenhuis'. Rond het jaar 1720 werd het huis ingrijpend verbouwd. Na 1720 werd mr. Wigbold Slicher de nieuwe eigenaar van de buitenplaats. Dirk van der Meer verbouwde en verfraaide de buitenplaats rond 1730 nogmaals. De weduwe van Van der Meer, Debora Elias, heeft omstreeks 1741 en 1742 aan tuinarchitect Adriaan Speelman de opdracht gegeven voor de aanleg van een nieuwe tuin met een grotere parterre. In 1767 verkocht Elias de buitenplaats voor 58.000 gulden aan mr. David van Lennep. De familie Van Lennep heeft het Huis te Manpad bijna 200 jaar in bezit gehad. Ook tegenwoordig wordt het particulier bewoond. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Het Huis te Manpad", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. De historie van het Huis te Manpad op de voorstelling gaat terug tot 1634-1640. Cornelis Heuts bouwde toen op deze plek in Heemstede een buitenhuis. Het voorste gedeelte van het Huis is tegenwoordig nog uit die periode. Tot begin 18e-eeuw hebben verschillende eigenaren, Hester du Pire, Daniël Lestevenon en Cornelis van Goor, genoten van het buitenverblijf: diverse lofdichten uit die periode gaan over feesten en partijen op het Huis te Manpad. Maar soms was het ook gewoon een belegging. Van Goor heeft voor vele gebiedsuitbreidingen gezorgd. Door aankoop van gronden, of uitruil met andere terreinen, ontstond 'een hofstede met zijn herenhuizinge, stallinge, koets- en wagenhuis'. Rond het jaar 1720 werd het huis ingrijpend verbouwd. Na 1720 werd mr. Wigbold Slicher de nieuwe eigenaar van de buitenplaats. Dirk van der Meer verbouwde en verfraaide de buitenplaats rond 1730 nogmaals. De weduwe van Van der Meer, Debora Elias, heeft omstreeks 1741 en 1742 aan tuinarchitect Adriaan Speelman de opdracht gegeven voor de aanleg van een nieuwe tuin met een grotere parterre. In 1767 verkocht Elias de buitenplaats voor 58.000 gulden aan mr. David van Lennep. De familie Van Lennep heeft het Huis te Manpad bijna 200 jaar in bezit gehad. Ook tegenwoordig wordt het particulier bewoond. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
BUITENPLAATS RHIJNHOF (LEIDEN) "Rhijnhof", lithografie vervaardigd door Jan Dam Steuerwald naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1855 te Amsterdam door C.A. Spin als deel van "Gezigten in de Omstreken van 's Gravenhage en Leyden". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 24,5 cm. Op de plaats waar nu de buitenplaats bevindt, was in de 17e eeuw sprake van een steenbakkerij met enkele arbeidershuisjes. Nicolaas van Campen, schepen van Leiden, kocht op 26 december 1679 voor fl. 3.000,- "een speelhuis met daarnaast een nieuwe grote boomgaard met uitzicht op het Haagse Schouw, gelegen op de Hoge Morschweg met de losse gereedschappen van de steenplaats als de visserij en de vinkerij". Van Campen bestemde de steenbakkerij tot het buitenverblijf Dubbelhof. Op 15 juli 1715 wordt de buitenplaats in opdracht van de erfgenamen van Susanne de Hoorne, weduwe van Nicolaas van Campen, verkocht aan Jacobus Le Boeuf. Hij verbeterde het huis met de aanbouw van een koepelkamer. Willem Mylius, arts te Leiden, kocht de buitenplaats op 22 november 1729. In 1730 bleken de zijvleugels, die niet onderheid waren, verzakt. Hij heeft het huis tussen 1730 en 1731 herbouwd. Het door hem gebouwde pand, dat inmiddels Rhijnhof heette, maakte van de waterzijde een grootse indruk, maar dat was grotendeels schijn. Gelijkvloers was er niet meer dan een 'zaal' met aan weerskanten een zijkamer, op de verdieping waren vier kamers, die echter niet verwarmd konden worden. Het was dus echt een zomerverblijf. De buitenplaats is niet lang in het bezit geweest van de familie Mylius. Op 24 mei 1749 koopt mr. Anthony d'Ailly Pietersz van Aletta Elisabeth Mylius, weduwe van Jan Pieter Marcus de buitenplaats. Na 10 jaar verkoopt hij het aan Hendrik van Sandijk. Het huis kreeg zijn huidige aanzien in 1775. Hendrik gaf de Berlijnse architect Johan Samuel Creutz de opdracht het huis een neoclassicistisch uiterlijk (Lodewijk XVI-stijl) te geven. In 1813 is de buitenplaats door D.C. Gevers van Endegeest verkocht aan Andries Stadnitski. Na het overlijden van S van Heukelom, weduwe van A Stadnitski, in 1855 is de buitenplaats gekocht door Barend Kopersmit voor 23.700,00. In 1908 werd de buitenplaats, bestaande uit herenhuis, koetshuis, landerijen en orangerie verkocht aan de Hervormde Gemeente van Leiden. De kerkvoogdij liet het terrein ophogen en veranderde de buitenplaats met haar gebouwen in begraafplaats Rhijnhof. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Elswout", lithograph made by Hilmar Johannes Backer after a drawing by Petrus Josephus Lutgers. Published in 1837-1844 as part of "Gezigten in de omstreken van Haarlem" [views of the surroundings of Haarlem]. Coloured by a later hand. Size (incl. text) 19 x 23,5 cm. The Elswout site was a summer residence for a long time before the current construction began. The original house (of which the structural wall's are incorporated in the current 19th century house) was built by a merchant dealing with Russia, called Carl du Moulin in circa 16331635. The design is attributed to Jacob van Campen and Pieter Post. After Du Moulin went bankrupt the estate was sold in 1654 to Gabriel Marselis, an Amsterdam arms merchant for the King of Denmark, who called the estate 'Elswout' [Alderwood]. Like Du Moulin, he used it as a summer home while selling the sand to be shipped by boat to Amsterdam for construction. By removing the sand in the dunes on his property, Gabriel Marselis was able to lay out a garden in the French style while financing this from the profits on the sand. Though the still existing "sand vaart" canal was originally constructed for Carl du Moulin, it is called the Marcelisvaart today after the rules that Marcelis drew up for the diggers and boatsmen on his property. Removing sand from the property was only halted in 1948 when the level of the garden was considered dangerously low by the water board. In the years 1781-1794 the garden was redesigned in the English Landscape style by Mr. Jacob Boreel. During a short period afterwards Elswout was for rent, attracting Haarlem artists, who took their sketch books with them into the gardens. One of those artists was Egbert van Drielst. In 1805 the neglected estate was bought by the broker Willem Borski, who had close business relations with the Barings Bank and Hope & Co. After his death his widow Johanna Borski became not only the owner of Elswout, but also one of the most important bankers in Dutch history for co-founding and rescuing De Nederlandsche Bank in its early years. (The main building seen today was designed in Italian high renaissance style in 1883 by C. Muysken.) Price: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Wildhoef", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. De Bloemendaalse dominee Johannes Gravia kocht in 1713 een stuk land met een woning naast zijn pastorie aan het Kerkplein te Bloemendaal. Vervolgens breidde hij het terrein uit. Na zijn overlijden in 1756 wordt het huis en land door de erven van de dominee verkocht aan de Haarlemse burgemeester mr. Mattheus Willem van Valckenburg. Hij noemde zijn nieuwe terrein in 1756 Wildhoef. Ook hij breidde het terrein uit en liet verder een vinkenbaan aanleggen. In 1751 erfde hij ook de buitenplaats Veen en Duin met een herenhuis, de nog bestaande boerderij Veen en Duin aan de Aelbertsbergweg 1 en de drie huisjes van het voormalige buitentje De Veenberg aan de Laan van Boreel. Na het overlijden van Van Valckenburg in 1784 werd de buitenplaats geveild. In 1787 werden Wildhoef en de gronden van de afgebroken hofstede Veen en Duin verkocht aan de doopsgezinde Haarlemse textielkoopman en -fabrikant Willem Philips Kops. Deze liet de buitenplaats renoveren en van een neo-classicistische voorgevel voorzien door de Amsterdamse architect Abraham van der Hart. In 1791 liet Kops een vierkante koepel bouwen door de Bloemendaalse meester-timmerman Lambertus Bouwens. Het tuinontwerp stond onder verantwoordelijkheid van landschapsarchitect Johann Georg Michael, die er een vijver, lanen, gazons en een hertenkamp aanlegde. In 1798 werd opnieuw een buitenplaats bij Wildhoef getrokken namelijk Saxenburg. In 1820 werd de buitenplaats gesplitst in de landgoederen (Nieuw) Wildhoef en (Nieuw) Aelbertsberg. Vrouwe Cornelia Kops, die gehuwd was met Jan Willink Jansz., kreeg het gedeelte met het herenhuis Wildhoef. Bij Wildhoef hoorde toen nog de boerderij Veen en Duin en het terrein van de voormalige buitenplaats Saxenburg. In 1824 werd ook nog het meertje van Duin en Daal gekocht en bij Wildhoef getrokken. In 1840 erfde Cornelia Willink de buitenplaats van haar moeder. Cornelia was getrouwd met mr. Jan Pieter A. van Wickevoort Crommelin. In 1841 lieten zij aan de Donkerelaan een koetshuis annex biljartkamer bouwen door (tuin)architect Jan David Zocher jr. In de winter werd het ook gebruikt als oranjerie. Hij ontwierp ook het landschapspark met de vijver en Zwitserse brug. Op een kaart uit 1681 is het zogenaamde Kinderhuisje te zien, een follie die nu bij de laat twintigste-eeuwse vijver van verzorgingshuis Wildhoef staat. Delen van de buitenplaats werden in het begin van de twintigste eeuw verkocht. Op de plaats van de voormalige hertenkamp verrees in 1939-40 een verzorgingshuis. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Ipenrode aan den Zijde van den Straatweg", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. In 1733 werd het in Heemstede gelegen huidige herenhuis van Ipenrode voltooid, toen de Haarlemmer Francois Aernout Druyvestein eigenaar was. Latere bezitters waren Amsterdamse en Haagse magistraten en kooplieden uit de geslachten Sautijn, Geelvinck, Dedel en Van de Poll. Vanaf 1760 is een park in de landschapsstijl aangelegd. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Gezigt in de Hofstede Elswout", lithograph made by Hilmar Johannes Backer after a drawing by Petrus Josephus Lutgers. Published in 1837-1844 as part of "Gezigten in de omstreken van Haarlem" [views of the surroundings of Haarlem]. Coloured by a later hand. Size (incl. text) 19 x 23,5 cm. The Elswout site was a summer residence for a long time before the current construction began. The original house (of which the structural wall's are incorporated in the current 19th century house) was built by a merchant dealing with Russia, called Carl du Moulin in circa 16331635. The design is attributed to Jacob van Campen and Pieter Post. After Du Moulin went bankrupt the estate was sold in 1654 to Gabriel Marselis, an Amsterdam arms merchant for the King of Denmark, who called the estate 'Elswout' [Alderwood]. Like Du Moulin, he used it as a summer home while selling the sand to be shipped by boat to Amsterdam for construction. By removing the sand in the dunes on his property, Gabriel Marselis was able to lay out a garden in the French style while financing this from the profits on the sand. Though the still existing "sand vaart" canal was originally constructed for Carl du Moulin, it is called the Marcelisvaart today after the rules that Marcelis drew up for the diggers and boatsmen on his property. Removing sand from the property was only halted in 1948 when the level of the garden was considered dangerously low by the water board. In the years 1781-1794 the garden was redesigned in the English Landscape style by Mr. Jacob Boreel. During a short period afterwards Elswout was for rent, attracting Haarlem artists, who took their sketch books with them into the gardens. One of those artists was Egbert van Drielst. In 1805 the neglected estate was bought by the broker Willem Borski, who had close business relations with the Barings Bank and Hope & Co. After his death his widow Johanna Borski became not only the owner of Elswout, but also one of the most important bankers in Dutch history for co-founding and rescuing De Nederlandsche Bank in its early years. (The main building seen today was designed in Italian high renaissance style in 1883 by C. Muysken.) Price: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Berkenrode uit de Overplaats", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Het 17e-eeuwse kasteel Berkenrode in Heemstede brandde in de nacht van 4 op 5 mei 1747 af door onvoorzichtigheid van het personeel nadat het met kaarsen en vetpotjes was geïllumineerd ter ere van de verheffing van prins Willem IV tot erfstadhouder. De toenmalige eigenaar, ambachtsheer Mattheus Lestevenon liet het weer opbouwen en voegde in 1762 het huis en de gronden van huis Westerduin bij Berkenrode. Op 29 oktober 1797 verkochten Mattheus' kinderen het goed aan Jan Pieter van Wickevoort Crommelin. Meteen na de aankoop liet hij het huis afbreken en vestigde zich op het aangrenzende Westerduin, dat als hoofdhuis van Berkenrode ging fungeren (en vanaf dat moment ook huis Berkenrode werd genoemd). (Huis Berkenrode werd vanaf 1933 bewoond door de politicus Jan Bomans, de vader van de Nederlandse schrijver Godfried Bomans.) Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Assumburg", lithografie vervaardigd door Hilmar Johannes Backer naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1837-1844 als deel van "Gezigten in de omstreken van Haarlem". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 23,5 cm. Slot Assumburg is gedurende vele eeuwen een adellijk verblijf geweest. Een groot aantal verschillende geslachten hebben er gewoond. Het slot stond in de 13e en 14e eeuw bekend als Williaems Woninghe van Velsen en 't werd zoals de naam al aanduidt, bewoond door de familie van Velsen. Andere bekende families die het slot hebben bewoond waren Van Assendelfts, de Van Polanens en de Van Renesses. In 1669 kocht koopman Johannes Wuijtiers het kasteel. Toen na diverse eigenaren een zekere mr. Jean Deutz in 1694 het kasteel had gekocht, liet deze de Assumburg aanmerkelijk verfraaien naar de smaak van die tijd (met een prachtig park met waterpartijen en plantsoenen). De laatste Deutz was jhr. mr. Jacob Maarten Deutz van Assendelft die op het kasteel woonde en er ook stierf (in 1858). Toen zijn vrouw Josina Johanna Willink in 1867 in Amsterdam stierf, was dat tevens het einde van de Assumburg als aanzienlijk buitenverblijf. Veertien dagen lang vond er een veiling plaats van de inboedel (oktober 1868). Ook het landbezit werd van de hand gedaan. Na een jaar lang verhuurd te zijn geweest aan een gefortuneerde Engelsman, Hugh Hope Loudon, kreeg het gebouw diverse functies: in 1881 als hospitaal tijdens een cholera epidemie en later nog als school. Tegenwoordig is er een hostel van Stayokay in de Assumburg gevestigd. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
BUITENPLAATS HET OUDE KONINGSHUIS (SASSENHEIM) "Het Oude Koningshuis", lithografie vervaardigd door Jan Dam Steuerwald naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1855 te Amsterdam door C.A. Spin als deel van "Gezigten in de Omstreken van 's Gravenhage en Leyden". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 24,5 cm. Deze buitenplaats werd waarschijnlijk rond 1628 aangelegd. Het buiten stond toen bekend als 'Ter Nieuwburgh', naar de stichter, Jonkheer Johan van Nyenburgh. In 1680 kwam het landgoed in handen van stadhouder-koning Willem III, die er overigens nooit heeft gewoond. Waarschijnlijk is de naam Het Oude Koningshuis aan deze periode te danken. In de 18de eeuw heette het buiten ook wel 'Sassigt'. Van het complex zijn thans het huisterrein met het 17de-eeuwse herenhuis en een laat 19de-eeuws koetshuis overgebleven. Rond het huis liggen de restanten van een landschappelijke parkaanleg, die reeds voor 1819 tot stand is gekomen. Voor en achter het huis waren zichtassen, waarvan de eerste in feite bewaard is gebleven: de tegenwoordige Wilhelminalaan was in de 19de eeuw een smalle, door bosschages geflankeerde open strook, op kadastrale kaarten aangeduid met 'weilandweelde'. Nog altijd is het zicht vanuit het huis over de Wilhelminalaan vrij. In de tweede helft van de 19de eeuw werd het terrein Het Oude Koningshuis grotendeels verkaveld. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
LANDGOED DE WITTENBURG (WASSENAAR) "Het Groote Hoefijzer", lithografie vervaardigd door Jan Dam Steuerwald naar een tekening van Petrus Josephus Lutgers. Uitgegeven in 1855 te Amsterdam door C.A. Spin als deel van "Gezigten in de Omstreken van 's Gravenhage en Leyden". Later met de hand gekleurd. Afm. (incl. tekst) 19 x 24,5 cm. In 1553 werd er melding gemaakt van de 'Colffmaekerswoning' van mr. Pieter Colff uit Rijnsburg, wiens zoon mr. Jan Pieterszn Colff eigenaar was van de bierbrouwerij "In 't Witte Hoeffijser" in Delft. Zijn kleinzoon Pieter Maartenszn., die Hoeffijser aan zijn naam toevoegde, liet het huis van zijn overgrootvader vervangen door nieuwbouw en noemde het "Het Huys te Hoeffijser". In de 18e eeuw werd het omgrachte huis "Het Groote Hoefijzer" genoemd, ter onderscheid van de bijbehorende boerenwoning "Het Cleijn Hoeffijser". Abraham Ligtvoet en de Haagse notaris Hendrik van Leeuwen waren vanaf 1784 eigenaar, waarbij vooral de laatstgenoemde werkte aan de verfraaiing van de hofstede tot een buitenplaats. In 1846 en ook na de verkoop in 1855 aan steenfabrikant Cornelis Schiffer van Bleyswijk werd het huis ingrijpend gemoderniseerd. De nieuwe eigenaar vernoemde het huis naar zijn echtgenote, Suzanna de Wildt: De Wiltenburg. Dit werd later De Wittenburg. Prijs: Euro 195,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
"Wintergezigt aan de Manpadsbrug" [Winter View at the Manpadsbrug], lithograph made by Hilmar Johannes Backer based on a drawing by Petrus Josephus Lutgers. Published between 1837 and 1844 as part of "Gezigten in de omstreken van Haarlem" [Views in the Surroundings of Haarlem]. Coloured by a later hand. Size (including text): 19 x 23.5 cm. The Manpadsbrug, a connection between the Herenweg and the inner dunes, is located on the Leidsevaart between Haarlem and Leiden. On the left is the tavern 'de Capel.' This establishment served as a stopover for travelers using the towboat. In winter, there people were skating on the ice of the Leidsevaart. Price: Euro 225,-.
Publication Date: 1863
Signed
US$ 8,900.81
Quantity: 1 available
Add to basketCollection of five beautiful and detailed watercolours of Dutch country estates, all signed and dated in ink by Petrus Josephus Lutgers (1808-1874). The estates, which are all located near Utrecht and Leiden, have been beautifully depicted amidst nature, and surrounded by strolling figures to create a livelier scene. Three of the views are dated "1863" and two "1864". All views are titled in ink (possibly by the artist) on the verso of the cardboard mounts, including "Slotzigt" (2x), "Zuilestein", "Hoog Beek en Royen" and "Het Huis ter Wegen". One of them ("Slotzigt", dated "1864") has been inserted in a 19th-century ornamental paper frame.Lutgers was a well-known painter, draughtsman and lithographer living in Amsterdam and - after his marriage with Maria Susanna Moen in 1830 - in Loenen aan de Vecht, where he died in 1874. His fame rests on his views of country houses in various regions of the Netherlands, which were lithographed and published. Among those works are series of views of estates along the Vecht river (Gezigten aan de rivier de Vecht, 1832-1836), in the surroundings of Haarlem (Gezigten in de omstreken van Haarlem, 1837-1844), The Hague and Leiden (Gezigten in de omstreken van 's Gravenhage en Leyden, 1855) and Utrecht (Gezigten in de omstreken van Utrecht, 1869).Three of the present views are very similar, but much smaller than the published lithographs: the Zuylestein Castle near Leersum and the country house "Hoog Beek en Royen" at Zeist (respectively nos. 65 and 27 in Gezigten in de omstreken van Utrecht) and the country house "Huis ter Wegen" at Sassenheim (no. 8 in Gezigten in de omstreken van 's Gavenhage en Leyden). The view of the country house "Slotzicht" at Vreeland (in our collection in two very close variants, respectively dated "1863" and "1864") slightly differs from the version published in Gezigten aan de rivier de Vecht.The present collection suggests that Lutgers made copies of his original drawings in a much smaller format, but it is unclear for what purpose. Possibly to sell them separately or to use them as working copies for his lithographs. Regardless, the exquisite small watercolours, with subtle natural colours and washes, are beautiful examples of Lutgers' artistic skills.All five watercolours are mounted on thin cardboard (ca. 6.5 x 10 cm), otherwise in good condition.l Cf. Scheen, p. 325; Thieme & Becker 23, p. 480; Waller, p. 209. Four of the watercolours are mounted on thin cardboard (ca. 6.5 x 10 cm), and the fifth is mounted in a late-19th-century blind-stamped passepartout (ca. 10 x 13 cm), with gold edges. With 5 watercolours (ca. 6 x 10 cm), all signed and dated in the lower left hand margin, and titled on the back.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
BEDRIJVIGHEID IN HET ALGEMEEN RIJKSENTREPOT TE AMSTERDAM "Entrepòt-dok, te Amsterdam" van Nieuwe Herengracht naar Oranje Nassau Kazerne gezien, steendruk uit 1833 van de hand van Petrus Josephus Lutgers, gedrukt door Desguerrois & Co. In de tijd met de hand gekleurd. Afm ca. 37 x 46 cm. Losse uitgave van de tekenmeester, schilder en lithograaf Petrus Josephus Lutgers (1808-1874), die als landschapsschilder gespecialiseerd was in riviergezichten. Om in de 19e-eeuw transitohandel in Amsterdam te stimuleren, konden in het Rijks Entrepot goederen tijdelijk worden opgeslagen, zonder dat daarover invoerrechten moesten te worden afgedragen. Accijnzen hoefden pas te worden betaald op het moment dat de goederen op de markt werden gebracht. Na de oprichting van het Rijks Entrepot werden tussen 1827 en 1840 werden 51 reeds bestaande pakhuizen aangekocht van particuliere eigenaren. Ook werden er 33 nieuwe pakhuizen bijgebouwd. De pakhuizen van de particuliere eigenaren waren in gebruik als opslag van wijn, cacao, graan, rogge, hout, walvisspek en walvistraan. Ze droegen namen als Bordeaux Brandewijnstuk, Dantzig en de Hoop. Na de overname krijgen de pakhuizen nieuwe namen. Gekozen wordt voor de namen van de handelssteden uit de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden (het latere België), waarmee vanuit Amsterdam handel wordt gedreven. De naamgeving van de panden is een hommage aan het nieuwe nationale zelfbewustzijn dat opkwam na de Franse tijd. Omdat het Rijks Entrepot in 1827 een afgesloten en bewaakt douane-terrein wordt, komt er rondom het Entrepot een hoge muur aan de zijde van de Kadijk. Het terrein wordt bewaakt door hellebaardiers en krijgt slechts één toegang: het nog steeds bestaande poortgebouw aan het Kadijksplein. Tegen het eind van de 19e eeuw kunnen zeeschepen vanwege hun toegenomen grootte het Entrepot niet meer bereiken. Ze leggen nu aan in de haven van Amsterdam. In 1894 wordt het Entrepotdok overgenomen door de gemeente Amsterdam en wordt weer een normale goederenopslag. Het Entrepotdok gezien vanaf de andere zijde vindt u hier. Prijs: Euro 650,-.
Seller: Inter-Antiquariaat Mefferdt & De Jonge, Amsterdam, Netherlands
Art / Print / Poster
BEDRIJVIGHEID IN HET ALGEMEEN RIJKSENTREPOT TE AMSTERDAM "Entrepòt-dok, te Amsterdam" gezien vanaf de Plantage Muidergracht richting Oosterdok, steendruk uit 1833 van de hand van Petrus Josephus Lutgers, gedrukt door Desguerrois & Co. In de tijd met de hand gekleurd. Afm ca. 37 x 46 cm. (Afm. lijst: 54 x 74 cm.) Losse uitgave van de tekenmeester, schilder en lithograaf Petrus Josephus Lutgers (1808-1874), die als landschapsschilder gespecialiseerd was in riviergezichten. Om in de 19e-eeuw transitohandel in Amsterdam te stimuleren, konden in het Rijks Entrepot goederen tijdelijk worden opgeslagen, zonder dat daarover invoerrechten moesten te worden afgedragen. Accijnzen hoefden pas te worden betaald op het moment dat de goederen op de markt werden gebracht. Na de oprichting van het Rijks Entrepot werden tussen 1827 en 1840 werden 51 reeds bestaande pakhuizen aangekocht van particuliere eigenaren. Ook werden er 33 nieuwe pakhuizen bijgebouwd. De pakhuizen van de particuliere eigenaren waren in gebruik als opslag van wijn, cacao, graan, rogge, hout, walvisspek en walvistraan. Ze droegen namen als Bordeaux Brandewijnstuk, Dantzig en de Hoop. Na de overname krijgen de pakhuizen nieuwe namen. Gekozen wordt voor de namen van de handelssteden uit de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden (het latere België), waarmee vanuit Amsterdam handel wordt gedreven. De naamgeving van de panden is een hommage aan het nieuwe nationale zelfbewustzijn dat opkwam na de Franse tijd. Omdat het Rijks Entrepot in 1827 een afgesloten en bewaakt douane-terrein wordt, komt er rondom het Entrepot een hoge muur aan de zijde van de Kadijk. Het terrein wordt bewaakt door hellebaardiers en krijgt slechts één toegang: het nog steeds bestaande poortgebouw aan het Kadijksplein. Tegen het eind van de 19e eeuw kunnen zeeschepen vanwege hun toegenomen grootte het Entrepot niet meer bereiken. Ze leggen nu aan in de haven van Amsterdam. In 1894 wordt het Entrepotdok overgenomen door de gemeente Amsterdam en wordt weer een normale goederenopslag. De pendant van deze lithografie, met het Entrepotdok gezien vanaf de andere zijde, vindt u hier. Prijs: Euro 975,- (incl. lijst).